| |
|
Van resultaat naar waarde (waardering) |
5. Vaststellen van afwijkingen ten opzichte van doel en verwachte waarde |
| |
|
Van resultaat naar waarde (waardering) |
1. Afleiden en concretiseren van resultaten |
| |
|
Van resultaat naar waarde (waardering) |
Gedefinieerde Capability |
| |
|
Van resultaat naar waarde (waardering) |
3. Beoordelen van resultaten per waarde-attribuut |
| |
|
Van resultaat naar waarde (waardering) |
2. Identificeren van relevante stakeholders |
| |
|
Van resultaat naar waarde (waardering) |
4. Toekennen en wegen van waarde per stakeholder |
| |
|
1. Afleiden en concretiseren van resultaten |
Geïdentificeerde Resultaten |
| |
|
1. Afleiden en concretiseren van resultaten |
2. Identificeren van relevante stakeholders |
| |
|
1. Afleiden en concretiseren van resultaten |
Resultaat-overzicht |
| |
|
2. Identificeren van relevante stakeholders |
Stakeholder-matrix |
| |
|
2. Identificeren van relevante stakeholders |
Stakeholders |
| |
|
2. Identificeren van relevante stakeholders |
3. Beoordelen van resultaten per waarde-attribuut |
| |
|
3. Beoordelen van resultaten per waarde-attribuut |
4. Toekennen en wegen van waarde per stakeholder |
| |
|
4. Toekennen en wegen van waarde per stakeholder |
Waarde-attributen |
| |
|
4. Toekennen en wegen van waarde per stakeholder |
Waarde-attribuut-beoordeling |
| |
|
4. Toekennen en wegen van waarde per stakeholder |
5. Vaststellen van afwijkingen ten opzichte van doel en verwachte waarde |
| |
|
5. Vaststellen van afwijkingen ten opzichte van doel en verwachte waarde |
Vastgesteld Doel |
| |
|
5. Vaststellen van afwijkingen ten opzichte van doel en verwachte waarde |
Eventuele waarde-gaps |